Achtergrond informatie

Achtergrond informatie

Inleiding

Het Thema Verduurzamen maakt gebruik van de rekenkracht van Altum AI. Dit maakt het mogelijk om data rechtstreeks bij de bron op te halen, denk hierbij aan EP online voor het energielabel, of complexe scenario’s uit te werken rondom de huidige staat van de opgegeven woning en het daarbij behorende verduurzamingsadvies.

De ‘Huidige maatregelen’ en geboden ‘Oplossingen’ binnen het thema, hebben allen verschillende opties.

Maatregelen / Oplossingen

Hieronder vindt je een gedetailleerd overzicht van alle verschillende maatregelen, de opties en belangrijke informatie behorende bij de opties.


Gevel isolatie

Mogelijke opties

  • Geen

  • Matig of na-isolatie

  • Goed

  • Zeer Goed

Informatie

Huizen gebouwd voor 1920

De gevels zijn zonder isolatie gebouwd, maar mogelijk is er achteraf wel isolatie aangebracht. Spouwmuurisolatie is zeer onwaarschijnlijk, aangezien huizen van voor 1920 vrijwel altijd zonder spouw worden gebouwd. Aan de binnenzijde van de gevel kan isolatie aanwezig zijn. Klop op de muren. Zijn er secundaire muren? Als de keermuur vóór 1992 is gemaakt, is matige isolatie 5-7 cm het meest waarschijnlijk. Als de keermuur in 1992 of later is gemaakt, is een goede isolatie van 8-10 cm het meest waarschijnlijk. Probeer de ruimte tussen de voormuur en de muur te meten en trek daar 3 cm van af (er zit ongeveer 3 cm lucht tussen het isolatiemateriaal en de buitenmuur).

Er kan isolatie aan de buitenkant zijn. Deze is te herkennen aan een dikkere buitenmuur, die is afgewerkt met pleisterwerk of steenstrips. Probeer de dikte van de laag te meten. Bij 8 tot 10 cm: goede isolatie (vaak het geval). Op 13 tot 20 cm: zeer goede isolatie (vrij uitzonderlijk).

Bouwjaar 1920 tot 1974

Spouwmuurisolatie is mogelijk. Huizen gebouwd tussen 1920 en 1974 hebben een spouwmuur. De spouw is de ruimte tussen de binnen- en buitenmuur. Deze ruimte kan na de bouw gevuld worden/zijn met isolatiemateriaal. Controleer de voegen tussen de stenen van de buitenmuur. Als er geboorde gaten zijn gevuld met cementmortel, dan is er door deze gaten waarschijnlijk isolatiemateriaal in de muur gespoten. Het huis heeft spouwmuurisolatie - 5 tot 8 cm. Aan de binnenzijde van de gevel kan ook isolatie aanwezig zijn. Klop op de muren. Zijn er secundaire muren? Als de keermuur vóór 1992 is gemaakt, is matige isolatie 5-7 cm het meest waarschijnlijk. Als de keermuur in 1992 of later is gemaakt, is een goede isolatie van 8-10 cm het meest waarschijnlijk. Probeer de ruimte tussen de voormuur en de muur te meten en trek daar 3 cm van af (er zit ongeveer 3 cm lucht tussen het isolatiemateriaal en de buitenmuur). Er kan isolatie aan de buitenkant zijn. Deze is te herkennen aan een dikkere buitenmuur, die is afgewerkt met pleisterwerk of steenstrips. Probeer de dikte van de laag te meten. Bij 8 tot 10 cm: goede isolatie (vaak het geval). Op 13 tot 20 cm: zeer goede isolatie (vrij uitzonderlijk).

Bouwjaar 1975 tot 1991

De woning heeft spouwmuurisolatie van 5 tot 8 cm. Maar misschien is er na de bouw voor extra isolatie gezorgd. Aan de binnenzijde van de gevel kan extra isolatie zijn aangebracht. Klop op de muren. Zijn er dubbele wanden met isolatie? Spouwmuurisolatie plus extra isolatie aan de binnenzijde is samen een zeer goede isolatie (13 tot 20 cm). Aan de buitenzijde kan extra isolatie zijn aangebracht. Deze is te herkennen aan een dikkere buitenmuur, die is afgewerkt met pleisterwerk of steenstrips. Dan is de woning zeer goed geïsoleerd (13-20 cm).

Bouwjaar 1992 tot 2013

De woning kreeg tijdens de bouw 'goede gevelisolatie' mee. De kans dat het later is verbeterd tot 'zeer goed' is klein. Uitzondering: sinds 2009 zijn de isolatienormen aangescherpt, dus voor de jaren 2010 - 2013 is zeer goede isolatie waarschijnlijk.

Bouwjaar 2014 tot heden

De woning kreeg tijdens de bouw 'zeer goede gevelisolatie' mee.

Zie Rc-waarden voor de gebruikte isolatiewaarden


Dakisolatie

Mogelijke opties

  • Geen

  • Matig of na-isolatie

  • Goed

  • Zeer Goed

Informatie

Isolatie-informatie over de dakisolatie vindt je in documenten over de woning: koopovereenkomst, bouwkundig rapport of de facturen van verbouwingen. Je kunt de dakisolatie ook zelf (van binnenuit) controleren. Het bouwjaar van de woning kan je daarbij helpen.

Bouwjaar voor 1975

Het dak kan na aanleg nog geïsoleerd worden. Bij een plat dak zie je het isolatiemateriaal op de dakbedekking waardoor het zichtbaar wordt. Bij een schuin dak is het lastiger te controleren, omdat de isolatie vaak verborgen zit. Hieronder een aantal tips om te controleren of het dak geïsoleerd is bij een schuin dak: Het dak kan van binnen geïsoleerd zijn. Als dat niet goed is afgewerkt, zie je direct de isolatie. Als de isolatie is afgewerkt met platen, kun je misschien op zolder of achter schotten kijken of er een onafgewerkt deel is en het isolatiemateriaal van daaruit zichtbaar is. Isolatiemateriaal kan soms nog zichtbaar zijn bij een ventilatiepijp of rookafvoer. De dakisolatie kan je van buitenaf controleren door een dakpan op te tillen. Je ziet het isolatiemateriaal tussen de dakpannen en het dakbeschot (het materiaal waar de dakpannen op liggen). Meet de dikte van het isolatiemateriaal. Vul ‘matige isolatie’ in als het isolatiemateriaal dat je ziet niet dikker is dan 8 cm. Vul 'goede isolatie' in als het isolatiemateriaal dikker is dan 8 cm.

Bouwjaar 1975 tot 1991

De woning heeft waarschijnlijk matige dakisolatie. In sommige gevallen kan het zijn dat het dak na aanleg extra (beter) geïsoleerd is. Het oude materiaal is vervangen door dikker of beter isolerend materiaal of er is een extra isolerende laag aangebracht. Controleer dit door het isolatiemateriaal te meten: Het dak kan van binnen geïsoleerd worden. Als dat niet goed is afgewerkt, zie je direct de isolatie. Als het is afgewerkt met platen, kun je misschien op zolder of achter schotten kijken of er een onafgewerkt deel is en het isolatiemateriaal van daaruit goed zichtbaar is. Isolatiemateriaal kan soms nog zichtbaar zijn bij een ventilatiepijp of rookafvoer. De dakisolatie kan je van buitenaf controleren door een dakpan op te tillen. Je ziet het isolatiemateriaal tussen de dakpannen en het dakbeschot (het materiaal waar de dakpannen op liggen). Meet de dikte van het isolatiemateriaal. Vul ‘matige isolatie’ in als het isolatiemateriaal dat je ziet niet dikker is dan 8 cm. Vul 'goede isolatie' in als het isolatiemateriaal dikker is dan 8 cm.

Bouwjaar 1992 tot 2013

De woning heeft tijdens de bouw 'goede dakisolatie' meegekregen. De kans dat het later is verbeterd tot 'zeer goed' is klein. Uitzondering: sinds 2009 zijn de isolatienormen aangescherpt, dus voor de jaren 2010 - 2013 is zeer goede isolatie waarschijnlijk.

Bouwjaar 2014

De woning kreeg tijdens de bouw 'zeer goede dakisolatie” mee.

Zie Rc-waarden voor de gebruikte isolatiewaarden


Vloerisolatie

Mogelijke opties

  • Geen

  • Matig of na-isolatie

  • Goed

  • Zeer Goed

Informatie

Isolatie-informatie over de vloerisolatie vindt je in documenten over de woning: koopovereenkomst, bouwkundig rapport of de facturen van verbouwingen. Je kunt ook kijken in de kruipruimte en zelf de vloerisolatie van de woning controleren. Vaak zit de ingang van de kruipruimte onder de vloermat van de voordeur of in een hoek van de woonkamer. Bij woningen met een voor- en achterkamer kan de toegang in de bodem van de kasten zitten die de kamers scheiden. Soms geeft een deur in de kelder toegang tot de kruipruimte.

Bouwjaar voor 1983

De woning heeft tijdens de bouw geen vloerisolatie gekregen. Het is mogelijk dat de vloer nu geïsoleerd is. Kijk in kruipruimte: Ligt er isolatiemateriaal op de bodem van de vloer? Bijvoorbeeld piepschuim, kurkplaten, kussens van thermomateriaal, glas- of steenwol of schuimmateriaal (PUR)? Dan is de vloer geïsoleerd. Is de isolatie daar minder dan 8 cm, vul dan in: 'matige isolatie'. Is de isolatie dikker dan 8 cm of zie je thermokussens? Vul dan in: 'goede isolatie'. Het kan zijn dat er isolatiemateriaal op de bodem van de kruipruimte is geplaatst. Dat zie je snel aan een dikke laag isolatiemateriaal (piepschuimschilfers, zakjes met isolatiemateriaal, schelpen) op de bodem. Als er isolatie op de bodem van de kruipruimte ligt, isoleert dat minder goed dan isolatie aan de onderkant van de vloer erboven. Vul dan in: 'matige isolatie'. In plaats van in de kruipruimte kan de Isolatie kan ook op de verdiepingsvloer zijn aangebracht. Dit kan je zien als er sprake is van een verdikking van het laminaat of tapijt. Vul dan in: 'matige isolatie'. Heb je een compleet nieuwe vloer gelegd, mét isolatie? Vul dan in: 'goede isolatie'.

Bouwjaar 1983 tot 1991

Tijdens de bouw is de vloer van de woning matig geïsoleerd. In sommige gevallen kan het zijn dat de vloer na aanleg meer of beter geïsoleerd is. Controleer dit in de kruipruimte. Zie je daar een isolatielaag van 8 cm of dikker? Vul dan in: ‘goede isolatie’.

Bouwjaar 1992 tot 2013

Tijdens de bouw is de vloer van de woning goed geïsoleerd. De kans dat het later is verbeterd tot 'zeer goed' is klein. Uitzondering: sinds 2009 zijn de isolatienormen aangescherpt, dus voor het jaar 2010 - 2013 is zeer goede isolatie waarschijnlijk.

Bouwjaar 2014 tot heden

Tijdens de bouw is de vloer van de woning zeer goed geïsoleerd.

Zie Rc-waarden voor de gebruikte isolatiewaarden


Woon- & slaapkamer ramen

Mogelijke opties

  • Enkel glas

  • Dubbel glas

  • HR++ glas

  • Driedubbel glas

Informatie

Of er sprake is van enkel, dubbel, HR++ glas of driedubbel glas, staat vermeld in bijvoorbeeld een aankoopbrochure, een bouwkundig rapport of de nota's van verbouwingen. Je kunt het ook zelf controleren door naar het glas van de ramen te kijken:

  • Zie je één glasplaat? Dan heb je enkel glas.

  • Zie je twee glasplaten met daartussen een aluminium strip? Dan heb je of gewoon dubbel glas, of HR++ glas. Het verschil hiertussen is moeilijk te zien. Soms zijn de letters HR++ leesbaar in de aluminium strip.

    • Geen letters te zien? Doe dan de controle met een brandende aansteker of lucifer. Houd het voor het glas en kijk schuin naar het glas. Bij dubbel glas zie je vier vlammen van dezelfde kleur gespiegeld in het glas. Heeft de tweede of derde vlam een andere kleur, dan heb je HR++ glas.

  • Driedubbel (triple) glas herken je aan 3 glasplaten met daartussen ruimte.

Zie U-waarden voor de gebruikte isolatiewaarden


Installatie

De installatie verzorgt de ruimteverwarming en het warme tapwater.